medisch

FIP bij de kat

FIP staat voor Feline Infectieuze Peritonitis en is een virale ziekte bij de kat. De aandoening komt gelukkig niet vaak voor. Het virus is erg krachtig, waardoor het afweersysteem de infectie vaak niet kan overwinnen. De symptomen uitten zich veelal in koorts en lusteloosheid. De meeste katten overleven deze infectie niet. Wil jij meer weten over de symptomen en behandeling? Lees dan snel verder.

 

 

“FIP bij de kat” is geschreven door Wietske Scholten

Wietske is al meer dan 5 jaar dierenarts voor gezelschapsdieren. Met veel passie en liefde heeft ze het leven van duizenden huisdieren verbeterd. Nu wil ze haar kennis graag delen met alle baasjes van Nederland, zodat het leven van hun hond, kat of konijn nog leuker en beter word. Eén van haar grote dromen is om over een paar jaar wilde dieren in Indonesië te gaan helpen.

Leestijd 8 minuten

Inleiding

FIP is een hardnekkige virale aandoening bij de kat. Het wordt nog wel eens verward met kattenziekte. Echter zijn dit twee verschillende ziektes. Kattenziekte wordt veroorzaakt door het Parvovirus, terwijl FIP wordt veroorzaakt door het Feline Coronavirus. Het moment tussen de infectie en het zichtbaar worden van symptomen kan soms weken in beslag nemen. Het is daarom lastig om te achterhalen waar jouw kat het virus heeft opgedaan.

Katten met FIP zijn meestal jonger dan één jaar oud. Het komt vooral voor bij katten die samenleven met andere katten. Daarnaast wordt FIP bij bepaalde rassen vaker gezien, zoals dit het geval is bij de Birmaan, Ragdoll, Bengaal, Abessijn en de Himalayan.

Inhoudsopgave ‘FIP bij de kat’

  1. Wat is FIP?
  2. Symptomen
  3. Diagnose
  4. Behandeling
  5. Prognose
  6. Conclusie

 

Wat is FIP?

FIP is een zeldzame aandoening bij de kat. FIP is een afkorting van Feline Infectieuze Pertonitis. Het wordt veroorzaakt door het Feline Coronavirus (FeCV). Dit virus heeft geen verband met het menselijke coronavirus, aangezien deze variant alleen bij de kat voorkomt. Tussen de 50-90% van de katten heeft ooit een infectie met het feline coronavirus doorlopen. Vaak zorgt deze infectie voor diarree bij jouw kat, die uiteindelijk vanzelf weer over gaat. Bij 5% van de katten verandert het virus echter van vorm (ook wel mutatie genoemd). In dit geval praten we dan van het Feline Infectieuze Peritonitis Virus (FIPV). Het afweersysteem is onvoldoende om het virus te verslaan. Het virus verspreidt zich via de bloedvaten naar de rest van het lichaam. De meeste katten worden er ziek en overleven deze infectie helaas niet.

Symptomen

FIP kent twee vormen: de natte vorm en de droge vorm. Afhankelijk van de vorm zie je een verscheidenheid aan symptomen. Bij de natte vorm treedt vocht uit de bloedvaten en verplaatst zich naar de buik- of borstholte. Een dikkere buik of benauwdheid zijn symptomen die in dit geval opvallen. Ook koorts, niet willen eten en sloomheid vallen op. Bij de droge vorm ontwikkelen zich zogenaamde granulomen. Dit zijn knobbels bestaande uit pus en afweercellen. De knobbels bevinden zich meestal in de buikorganen. Afhankelijk van het orgaan dat betrokken is zie je verschillende symptomen. In het geval van knobbels in de lever wordt geelzucht gezien en bij knobbels in de darm zie je braak- en diarreeklachten. Ook het oog is regelmatig aangedaan door FIP. Bij een kwart van de katten zijn ook de zenuwen aangedaan, waardoor zenuwuitval, een dronkemansgang en epileptische aanvallen optreden.

Diagnose

De diagnose is lastig om te stellen. Er is geen specifieke test beschikbaar die FIP kan onderscheiden van het normale coronavirus. Daarom worden vaak andere oorzaken uitgesloten. De dierenarts kiest vaak uit een combinatie van de volgende onderzoeken:
 

  • Buikvocht analyse. Het analyseren van vocht uit de buik- of borstholte is meestal de eerste stap. In het geval van FIP is dit vocht meestal geel en plakkerig.
  • Rivalta test. De dierenarts voert deze test uit op buikvocht. De test maakt onderscheid tussen FIP en andere oorzaken van vocht in de buik.
  • Bloedonderzoek. In het bloed wordt vaak een afwijkend eiwitgetal, bloedarmoede, toegenomen leverwaarden en een afname van bepaalde afweercellen gevonden. Ook wordt een aanvullende test (RT-PCR) uitgevoerd om het virus aan te tonen.
  • Echografisch onderzoek. Dit onderzoek brengt de vorm van de organen in beeld en toont de aanwezigheid van de granulomen (knobbels) aan.
  • Histologisch onderzoek. De dierenarts verzameld wat weefsel van de granulomen, waarna de cellen uitgebreid worden bestudeerd.

Behandeling

De meeste katten overleven deze infectie niet. De behandeling is gericht op het onderdrukken van de ontsteking en de kwaliteit van leven in de laatste fase te optimaliseren. De behandeling bestaat uit:
 

  • Ontstekingsremmer. Meestal wordt in dit geval voor prednison gekozen.
  • Afweermodulator. Voorbeelden zijn Imulan, Staphylococcal A en ImmunoRegulin. In Nederland worden deze middelen zelden toegepast.
  • Virusremmer. Tot nu toe lijken virusremmers niet werkzaam te zijn bij FIP. Wel zijn de relatief nieuwe medicijnen GC376 of GS-441524 een mogelijkheid. Deze medicijnen remmen de voorplantingscyclus van het virus. Er is nog verder onderzoek nodig om te bevestigen dat dit middel werkt tegen FIP, maar de eerste resultaten zijn veelbelovend.
  • Ondersteunend. Vanwege de koorts stoppen katten vaak met eten. Door jouw kat te dwangvoeren zorg je ervoor dat hij/zij energie binnenkrijgt om de infectie aan te pakken.

Prognose

De prognose is voor FIP helaas slecht. De meeste katten leven nog gemiddeld 1 tot 2 weken na het stellen van de diagnose. De behandeling is vaak gericht op het rekken van de overlevingstijd. Helaas is genezing tot nu toe zelden mogelijk.

Conclusie

FIP staat voor Feline Infectieuze Peritonitis. Het wordt veroorzaakt door het Feline Coronavirus. De meeste katten zijn ooit in hun leven hiermee besmet. Echter verandert het virus bij 5% van de katten van vorm. Hierdoor wordt hij erg hardnekkig. Er zijn twee vormen: de droge of natte vorm. Afhankelijk van het type vorm zie je verschillende symptomen. Symptomen bij de natte vorm zijn koorts, lusteloosheid, dikkere buik en benauwdheid. Symptomen bij de droge vorm zijn geelzucht, braak- of diarreeklachten en zenuwschade. De diagnose is vaak lastig te stellen, waardoor meerdere onderzoeken noodzakelijk zijn. FIP is niet te genezen. De behandeling is levensrekkend en ondersteunend. De prognose is erg gereserveerd. De meeste katten overlijden binnen 1-2 weken na het stellen van de diagnose.

blog

Interessant voor jou?

    Inenting bij de kat klein
    lees meer over

    Inenting bij de kat

      5 juni 2020
      Overgeven of braken bij de kat klein
      lees meer over

      Overgeven bij de kat

        23 juni 2020
        Hyperthyreoidie bij de kat klein
        lees meer over

        Te snelle schildklier bij de kat

          10 juni 2020